Een kunstvervalser in een identiteitscrisis vermoordt in een opwelling zijn opdrachtgever.
Een identiteitscrisis. Kunstvervalser Gaspard Winckler vermoordt in een opwelling zijn opdrachtgever Anatole Madera. Een 'zombieleven' van vele jaren aan de leiband van leermeester Jérôme, galeriehouder Rufus en heler Madera ontploft. Na tientallen meestervervalsingen loopt hij stuk op 'De Condottiere' (1475) van Antonello da Messina, slaagt hij er niet in de puzzelstukjes ontleend aan andere schilderijen te integreren tot een gelijkenis, ziet hij alleen zijn eigen leegte. Hij beseft 'vals in alle opzichten' te zijn. Maar hoe is het toch misgelopen? Op de heftige opening volgt de introspectieve zoektocht naar het waarom. De Franse schrijver (1936-1982) introduceert in deze eerst in 2012 gepubliceerde debuutroman (1960) al enkele kenmerkende bakens die verwijzen naar zijn eigenzinnige latere werk: de naam van de puzzelende hoofdpersoon, de weggevallen ouderlijke band, de creatieve kopieerdrift. En ook hier vormen mensen, voorwerpen en plaatsen een gelaagd raamwerk, waarin Winckler verdwaalt, vervreemd als hij is van zijn verleden, van zichzelf, immer cirkelend rond het intrigerende waarom. Kleine druk.
Nederlands | 9789029589710 | 156 pagina's
| Titel | De Condottiere |
| Auteur | Georges Perec |
| Secundaire auteur | Edu Borger |
| Type materiaal | Boek |
| Uitgave | AmsterdamUitgeverij De Arbeiderspers, [2014] |
| Overige gegevens | 156 pagina's - 20 cm |
| Annotatie | Vertaling van: Le Condottière. - Paris : Éditions du Seuil, (c)2012 |
| ISBN | 9789029589710 |
| PPN | 377066710 |
| Thematrefwoord | Kunstvervalsing |
| Taal | Nederlands |
Een schrijver strijkt neer in een oud hotel om zijn verdriet over zijn verbroken relatie met een Italiaanse kunsthistorica te verwerken, wat leidt tot lange beschouwingen over het oude en het nieuwe Europa, inclusief massatoerisme en bootvluchtelingen.