“My soul has become a nomad.” De Koerdisch-Turkse zangeres vertelt je op haar album Rewend (Nomad) verhalen uit het nomadenbestaan. Aynur werd er ooit van beschuldigd propaganda te maken voor de Koerdische verzetstrijders. Tegenwoordig is ze gelukkig vrij om in het Koerdisch te zingen. Op het album staan vooral traditionele volksliederen (uit Koerdistan) die modern en kosmopolitisch klinken. Het instrumentarium is breed gesorteerd. Percussie uit verschillende gebieden en andere traditionele instrumenten als de kemenche (vedel) en de duduk (hobo), maar ook harp, drums, contrabas en gitaar. Elk lied heeft zijn eigen sfeer. In Xewn (Dream) zingt Aynur met een zachte dromerige stem onder begeleiding van de harp. In Koçerê (Nomadic Girl) worden Arabische vioolklanken mooi gemixt met jazzinstrumenten. Sin ü Saye heeft een opgejaagde sfeer door de percussie en de gejaagde bilûr (herdersfluit). Op Dawzere (Yellow Dress) is het dansen geblazen. (Charlie Crooijmans)