Verslag van het onderzoek van de auteur naar de geschiedenis van een Joodse peuter die tijdens de oorlog ondergedoken zat bij haar oom in Bozum, en vervolgens werd ondergebracht in het weeshuis van kamp Westerbork. Met foto's en illustraties.
Het aangrijpende verhaal van een Joodse vrouw die als peuter in het weeshuis van kamp Westerbork werd vastgehouden. In het gezin waar Aliëtte de Vries opgroeit is de Tweede Wereldoorlog nooit ver weg, ook al is die al tientallen jaren voorbij. Het grote litteken op het hoofd van haar vader herinnert haar constant aan het verleden, en er spelen vragen omtrent Hetty, een Joodse peuter die tijdens de oorlog ondergedoken zat bij haar oom in Bozum. Als volwassene doet De Vries onderzoek naar de geschiedenis van Hetty en ontstaat er een hechte vriendschap tussen de twee. Ze ontdekt wat Hetty en haar familie hebben meegemaakt en hoe het litteken van haar vader hiermee verbonden is. Hetty blijkt één van de 'Onbekende Kinderen' te zijn, die in het weeshuis van Westerbork waren ondergebracht en vanwege onduidelijkheid over hun Joodse afkomst lange tijd niet op transport werden gezet. Tot 13 september 1944, de dag van het laatste transport uit Westerbork naar Bergen-Belsen. In verhalende, toegankelijke stijl geschreven. Met foto's, portretten en illustraties in zwart-wit en één kleurenfoto.
Nederlands | 9789493198616 | 133 pagina's
| Titel | Een onbekend kind : hoe een joodse peuter toch uit handen van de nazi's bleef |
| Auteur | Aliëtte de Vries |
| Type materiaal | Boek |
| Uitgave | [Onderdendam] Zilt, 2024 |
| Overige gegevens | 133 pagina's - foto's, portretten, illustraties - 21 cm |
| Annotatie | Met literatuuropgave |
| ISBN | 9789493198616 |
| PPN | 443069999 |
| Rubriekscode | 928.8 |
| Taal | Nederlands |
| Onderwerp algemeen | Joodse kinderen; Westerbork (doorgangskamp); Verhalen ; Jodenvervolging; Nederland; Wereldoorlog II; Verhalen |
| PIM Rubriek | |
| PIM Trefwoord | Joodse kinderen |
Een Joodse weduwe werkt tijdens de Tweede Wereldoorlog voor het Joodsche Weekblad, waarin maatregelen van de Duitse bezetter worden bekendgemaakt. Ze worstelt met de vraag of ze voor de vijand kan blijven werken om haar kinderen te onderhouden, terwijl ze weet welk lot haar gemeenschap wacht.
Met gevaar voor eigen leven bewaren twee Oostenrijkers in 1938 bezittingen voor Joden. Decennia later vindt een boekenverkoopster een lijstje in een oud boek, dat haar op het spoor zet van het verhaal van de Oostenrijkers.
In het Slowakije van 1929 leggen drie Joodse zusjes een eed af dat ze altijd op elkaar zullen passen. Wanneer ze in 1942 naar Auschwitz-Birkenau worden afgevoerd, blijkt hoe sterk die eed hen aan elkaar bindt.