Opname: 2010
Opname: 1942-1964
"Paisiello werd geboren in Taranto, in het zuiden van Italië, waar hij al op vroege leeftijd wegging om in Napels muzieklessen te volgen. Al snel nadat hij zijn studie aan het Conservatorio di S. Onofrio had afgerond, slaagde Paisiello er in een gevestigd operacomponist te worden. In 1776 werd hem gevraagd om kapelmeester te worden in Sint-Petersburg aan het hof van tsarina Catharina II van Rusland. Gedurende die periode schreef hij een aantal werken in opdracht van het Russische hof, bestemd om te worden uitgevoerd in het Theater van de Hermitage. Catharina de Grote noemde hem in een brief 'een tovenaar die mensen kon laten lachen en huilen'. In 1784 keerde Paisiello terug naar Italië; de kou van het Russische klimaat kon hij niet langer verdragen. Eenmaal terug kreeg hij een aanstelling als hofdirigent bij Ferdinand IV van Napels. Zijn vrolijke en onderhoudende opera's zijn echter in vergetelheid geraakt, maar Paisiello's werk is beslist de moeite waard."(musico.nl)
Giovanni Paisiello (Tarente, 9 mei 1740 Napels, 15 juni 1816) was een Napolitaans operacomponist. Zijn bekendste werk is Il Barbiere di Siviglia, een komisch drama in twee bedrijven, waarvan de eerste opvoering plaatsvond op 15 september 1782. (...) Rond het begin van de negentiende eeuw werd Paisiello's Barbiere di Siviglia opgevoerd in alle Europese theaters. Waarschijnlijk is ook Wolfgang Amadeus Mozart hierdoor beïnvloed bij het schrijven van zijn opera Le Nozze di Figaro, omdat hij veel waardering voor het werk van Paisiello had en er invloeden in dit werk zijn terug te vinden die aan Paisiello doen denken.
Giovanni Paisiello stands head and shoulders above the other Italian composers of his generation. A pupil of the Neapolitan School, he had a supreme gift for melody, allied with a highly individual style and idiom that foreshadow Haydn and Beethoven. Paisiellos eight keyboard concertos, written to commission for the nobility, clearly show that he must have been an excellent pianist and harpsichordist. In contrast with the classical poise and restraint of the Second Concerto, the Fourth Concerto is an extraordinary piece, with an opening Allegro comparable to Haydns Sturm und Drang works, and a solemn slow movement that can only be likened to the young Beethoven. (bron: Naxos)
Onze website en deze zoekfunctie is vernieuwd en we werken er op dit moment hard aan om de laatste puntjes op de i te zetten. Mis je bepaalde functionaliteiten, dan vind je hieronder tijdelijk nog de link naar oude zoekfunctie.